Overslaan en naar de inhoud gaan

Amnionstreng syndroom

Bij het amnionstreng syndroom wordt een kind met afwijkingen geboren als gevolg van amnionstrengen.

Een ongeboren kind is in de baarmoeder omhuld door vruchtwater, en 2 vruchtvliezen. Het binnenste vlies is het amnionvlies. Het buitenste vlies is het chorionvlies.
Als het amnionvlies scheurt, dan kunnen hieruit strengen ontstaan. Het kind kan dan in zo’n streng verstrikt raken. Als de streng zich bijvoorbeeld om de vinger van een kind draait, kan de vinger daardoor afgekneld raken.

Vaak zijn het de vingers of tenen die bekneld raken, maar soms gebeurt het met delen van het gezicht, of andere delen van het lichaam. Die lichaamsdelen kunnen zich dan niet goed ontwikkelen.
Soms ontbreken vingers daardoor (deels). Of er is een schisis, of afwijkingen aan inwendige organen. De ernst van de afwijkingen verschillen per kind. Soms kunnen de afwijkingen levensbedreigend zijn.

De oorzaak van het amnionstreng syndroom is niet precies bekend. Het kan het gevolg zijn van het te vroeg scheuren van het amnionvlies, door oorzaken die niet met het kind te maken hebben. Maar mogelijk speelt een bepaalde bloedsomloop van het ongeboren kind een rol.

ALLES OPENEN
    • Andere namen voor deze ziekte

      Amniotic bands
      Amniotic band syndrom
      ADAM syndrome
      Amniotic deformity-adhesion-mutilation syndrome

    • Hoe wordt deze ziekte vastgesteld?

      Soms zijn de amnionstrengen te zien op een echo tijdens de zwangerschap. Vlak na de geboorte van een kind met het amnionstreng syndroom, zijn de strengen soms nog zichtbaar rond het lichaamsdeel waar ze omheen zitten.

    • Is er behandeling voor deze ziekte?

      Als er op een echo een amnionstreng wordt gezien, zijn in de zwangerschap extra controles mogelijk om de groei en ontwikkeling van het kind te volgen. De behandeling van het amnionstreng syndroom hangt af van de lichaamsdelen die erbij betrokken zijn.

    • Hoe vaak komt het voor?

      Het is niet precies bekend hoe vaak het amnionstreng syndroom voorkomt. Schattingen lopen uiteen van 1 op de 1200 tot 1 op de 15.000.

    • Hoe vaak komt het voor?

      Het amnionstreng syndroom is een multifactoriële aandoening. De kans dat ouders een tweede kindje krijgen met het amnionstreng syndroom wordt geschat op minder dan 2 op de 100.