Achondroplasie is een erfelijke aandoening waarbij er iets mis is met de kraakbeenvorming van de ledematen. Hierdoor zijn de armen en benen verkort en blijft de lichaamslengte klein. De romp heeft een normaal formaat, en het hoofd is meestal wat groter. Bij achrondroplasise kunnen kenmerken voorkomen als gebitsproblemen, oorontstekingen, O-benen en beknelling van het ruggenmerg.
Achrondroplasie wordt vastgesteld op grond van de bovenstaande uiterlijke kenmerken aangevuld met röntgenonderzoek.
Prenatale diagnostiek is mogelijk.
Achondroplasie is niet te genezen. Een team van verschillende artsen kan begeleiding bieden bij het verminderen van de kenmerken. Een (kinder)orthopeed -dat is een (kinder)arts die specialist is op het gebied van botten- biedt begeleiding bij de ontwikkeling van de benen en de rug. Een tandarts kan helpen bij gebitsproblemen. Voor de O-benen is meestal geen behandeling nodig. Ontstekingen van de oren kunnen worden behandeld door een KNO-arts (keel-, neus- en oorarts).
Geschat wordt dat achondroplasie bij ongeveer 3 op 150.000 tot 10 op 150.000 kinderen voorkomt.
In ongeveer 90% is iemand met achondroplasie de eerste in de familie met de aandoening en in ongeveer 10% komt achondroplasie al in de familie voor. Achondroplasie erft autosomaal dominant over.