Printer-friendly version

Multipele Endocriene Neoplasie (MEN)




 

Bij multipele endocriene neoplasie is er een erfelijke aanleg voor het ontwikkelen van hormoon producerende tumoren. Er zijn twee vormen van MEN: MEN1 en MEN2. Bij MEN1 is er een verhoogde kans op tumoren in de bijschildklieren, alvleesklier hypofyse en bijnieren. Bij MEN2 is er een verhoogde kans op schildklierkanker (carcinoom), en op vorming van tumoren in bijschildklieren en bijnieren. Door een vermeerdering van hormoonproducerende cellen, wordt er ook meer hormoon geproduceerd wat een direct gevolg heeft voor het lichaam. Zo zal bij een verhoging van het hormoon insuline (in de alvleesklier), meer suiker worden afgebroken waardoor er een tekort komt aan suiker. Bij een verhoging van parathormoon (gevormd in de bijschildklieren) zal de calciumconcentratie stijgen en bij een verhoging van bijvoorbeeld prolactine (in de hypofyse) wordt er (weer) melk uitgescheiden via de borst.

Synoniemen

  • Multiple endocrine neoplasia

Diagnose

De diagnose kan worden gesteld door middel van genetisch (DNA) onderzoek. MEN1 wordt veroorzaakt door een mutatie (afwijking) in het Menin-gen op chromosoom 11. MEN 2 wordt veroorzaakt door een mutatie in RET-gen op chromosoom 10.

Behandeling

Afhankelijk van het type MEN syndroom worden regelmatige onderzoeken geadviseerd. Deze onderzoeken hebben als doel om tumoren vroeg op te sporen. De behandeling is afhankelijk van de verschijnselen. De regelmatige onderzoeken beginnen op kinderleeftijd. Bij MEN2 raden artsen aan om de schildklier preventief te verwijderen. Omdat de huidige opsporingsmethoden onvoldoende garantie bieden om tumoren op tijd aan te tonen. Het wordt aanbevolen om de schildklier weg te halen tijdens het 1e levensjaar of voor het 5e levensjaar afhankelijk van welke afwijking in het gen aanwezig is.

Voorkomen(frequentie)

Het is niet precies bekend hoe vaak het voorkomt. Men denkt dat waarschijnlijk tussen de 1 op 100.000 tot 10 op 100.000 personen deze aandoening heeft.

Erfelijkheid

MEN  erft autosomaal dominant over. Omdat de ziekte zich niet bij iedereeen uit, zijn er mensen met de erfelijke aanleg van MEN zonder verschijnselen. Soms lijkt iemand de eerste en enige in een familie met MEN. Met andere woorden dat de aandoening veroorzaakt wordt door een spontane mutatie. Maar vaak is een van de ouders dan drager van de erfelijke aanleg.

Meer informatie voor patiënten

Meer informatie voor artsen

  • MEN-1, GeneReviews
  • MEN-1, Orphanet
  • MEN-2, Orphanet
  • Huisartsenbrochure Multiple Endocriene Neoplasie (MEN) Verschenen in het kader van het project ‘De patiënt als informatiedrager’ van VSOP en NHG. Bij deze brochure horen een apart te downloaden brief voor de huisarts en voor de patiënt.

Video's

Kent u beeldmateriaal over deze ziekte? Stuur ons dan een mail met de link naar de website.

Expertisecentra

  • Neuroendocriene tumoren (LUMC)
    Diagnostiek en behandeling van hypofyseaandoeningen vindt bij voorkeur in een academisch centrum plaats. Alle academische centra in Nederland zijn hiervoor toegerust. In het LUMC wordt veel onderzoek gedaan naar nieuwe behandelmethoden.
  • Neuro-endocriene tumoren (azM)
    Het bijzondere van het azM is dat diagnostiek en behandeling uitgevoerd wordt door een team van artsen waarin zowel de endocrinologen uit de regio als die van het azM zijn vertegenwoordigd. Door deze ketenzorg, waarin het azM een coördinerende rol speelt, kan de patiënt zo lang mogelijk behandeld worden door een endocrinoloog die zijn praktijk uitoefent in een ziekenhuis in de buurt van de patiënt. Daarnaast wordt in het azM wordt onderzoek gedaan naar nieuwe vormen van diagnostiek en de behandeling van deze hypofysegezwellen, zoals het verbeteren van de huidige operatie technieken.
  • Kinderendocrinologie (UMCG)
    Deze aandoening wordt behandeld binnen een multidisciplinair team bestaande uit een internist-endocrinoloog, hoofd-hals chirurg, kinderendocrinoloog, en zo nodig neurochirurg, kinderchirurg, nucleair geneeskundige of klinisch geneticus.
  • Endocriene tumoren (UMC Utrecht)
    Het UMC Utrecht is één van de centra in Nederland waar de zorg voor patiënten met M.E.N. sinds jaren geconcentreerd is. Er wordt ook onderzoek gedaan naar de epidemiologie van het M.E.N. syndroom en naar de moleculaire biologie van de aandoening..

Colofon


Auteur
Ragna Senf, MSc (bioloog)

Deze tekst is inhoudelijk gecontroleerd door een klinisch genetisch centrum.

Redactie
Petra Bloem (informatiespecialist), drs. Marloes Brouns-van Engelen (medisch bioloog), Mies Wits-Douw (publieksvoorlichter)  
Aanmaakdatum:
2-9-2011

Updatedatum:
5-9-2011