|
uw onderwerp:
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W XYZ OVERIG
|
|
Chromosoomafwijkingen
De groep aandoeningen die door chromosoomafwijkingen ontstaat, is erg groot en gevarieerd. Hieronder staat een korte uitleg over chromosomen en een beschrijving van verschillende chromosoomafwijkingen. Ons lichaam bestaat uit miljarden cellen. In deze cellen zit een celkern met daarin de chromosomen. Chromosomen zijn de dragers van het erfelijk materiaal, de genen. De genen bepalen in combinatie met elkaar erfelijke eigenschappen, zoals bijvoorbeeld de oogkleur. Normaal hebben we in elke celkern 46 chromosomen, altijd in paren. Per cel zijn er dus 23 paren chromosomen. Het 23ste paar chromosomen bepaalt het geslacht. Zij worden ook wel aangeduid met X- en Y-chromosoom. Een meisje heeft twee X- chromosomen. Een jongen heeft één X-chromosoom en één Y-chromosoom. Chromosomen en aandoeningen
Door chromosoomafwijkingen kunnen aandoeningen ontstaan. Meestal is het gevolg van een chromosoomafwijking niet goed te voorspellen. Onderzoek kan uitwijzen dat een bepaalde aandoening door een chromosoomafwijking wordt veroorzaakt. Er kunnen verschillende oorzaken voor het ontstaan van deze chromosoomafwijkingen zijn. Er zijn verschillende soorten chromosoomafwijkingen: 1. Afwijkingen in het aantal chromosomen
Een voorbeeld van een vermeerdering van de chromosomen is het Downsyndroom. Bij Downsyndroom is er sprake van trisomie 21. Dit houdt in dat er bij het 21ste paar chromosomen niet twee, maar drie (tri) chromosomen zijn. Een ander voorbeeld is het syndroom van Turner. Daarbij is er sprake van een vermindering van het aantal chromosomen. Er is dan bij een meisje maar één geslachtschromosoom X aanwezig in plaats van twee. 2. Afwijking in de structuur
Deletie
Een voorbeeld van een aandoening waarbij een deletie de oorzaak is van de aandoening is het cri-du-chat syndroom.
Duplicatie
Inversie
Insertie
Translocatie
Zwangerschap en onderzoek
Prenatale diagnostiek kan uitsluitsel geven over of er iets aan de hand is met aantal en de vorm van de chromosomen van het ongeboren kind. Daarmee kan het meestal iets zeggen over de kans op een aandoening. Belangrijk voor familieleden
Meer informatie Informatie over erfelijkheid op deze website Verwante onderwerpen op deze site Informatie van het EuroGentest Project (pdf-bestanden) Auteur Drs. Marloes Brouns-van Engelen (medisch bioloog) Redactie Petra Bloem (informatiespecialist), Ragna Senf, MSc (bioloog) en Mies Wits-Douw (publieksvoorlichter) De bewerkte afbeeldingen komen oorspronkelijk van de U.S. National Library of Medicine. Datum Augustus 2010 |
Een vraag stellen? Klik hier.
© Stichting Erfocentrum 2001-2010 / Disclaimer
Het Erfocentrum is het Nationale Kennis- en Voorlichtingscentrum Erfelijkheid, Zwangerschap en Medische Biotechnologie.
Het Erfocentrum wordt mede mogelijk gemaakt door financiële steun van de Centra voor Klinische Genetica en donaties.
Het Erfocentrum is een non-profitorganisatie en kan ook uw steun goed gebruiken. Steun ons!.
